187
Verirrungen des Gartengeschmacks’. Het is dus een zuiver vaktijdschrift en ik
vermeld het hier alleen, om te toonen, hoe Hirschfeld zijn werk opvatte. Daarnaast
zal hij evenwel ook nog verscheidene niet in de necrologie vermelde werken van
algemeener strekking geschreven hebben. Ik vond althans van zijne hand een
geschrift ‘Von der Gastfreundschaft, eine Apologie für die Menschheit’ (Leipzig
1777), waarin Engelsche schrijvers als Hutcheson, Ferguson en Home worden
aangehaald, en dat in hoofdzaak bestaat uit eene Rousseau-achtige verheerlijking
van de deugden der natuurvolkeren, toegelicht door bewijsplaatsen uit een
onnoemelijk aantal reisbeschrijvingen. Daardoor is het geworden tot een echt
encyclopaedisch werk in den trant van W.A. Ockerse. Over de Hollanders is
Hirschfeld daarbij slecht te spreken: ‘Der schmutzige Geiz und die Härte, welche
die Holländer in ihren Besitzungen ausüben, sind überall bekannt’. Later maakt hij
dit echter eenigermate weer goed, door naar aanleiding van Montesquieu's
opmerking, dat de handelsgeest in een volk de deugden het meest bederft, aangezien
deze leidt tot handeldrijven zelfs in de ideëelste zaken, te verklaren, dat een nog
sterker bewijs voor die stelling te putten is uit de gedragingen der Chineezen dan
uit die der gewoonlijk in dit verband aangehaalde Hollanders. Of dit iets te maken
heeft met het gezegde van de ‘Chineezen van Europa’?
Het geschrift van Hirschfeld, waar het hier op aankomt, is ‘Das Landleben’. De
eerste druk is van 1768, dus één jaar na het eerste verblijf in Zwitserland, de derde,
dien ik gebruikte en die ‘verbeterd’ heet, van 1787. De opdracht is aan Madame
Tscharner, geb. von Bonstetten, te Bern, aan wier landhuis Bellevue de schrijver in
het voorjaar van 1768 terugdenkt, nu hij er niet meer de gelukkige oogenblikken
van vroeger smaken kan. Hier is derhalve nog niet de tuinbouwkundige van den
Kielschen tijd aan het woord, doch veeleer de natuurvriend, die zijne gedachten
met welgevallen over de vreugden van het buitenleven laat gaan. Tegelijkertijd
spreekt
Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 34
Kommentare zu diesen Handbüchern