82
blijkt, dat Tesselschade hervormd was, uit het feit, dat zij 6 Juni 1614 in de Oude
Kerk te Amsterdam als doopgetuige stond over het oudste kind van haar zuster
Truitje. (Zie Unger, Oud-Holland, III, bl. 168). Vreemd is 't, dat dit Unger ontgaan is.
Een roomsche vrouw kón en mócht dit niet doen in een Hervormde kerk. Roemer
Visscher liet zijn kinderen Geertruy en Grietje opnemen in de Hervormde Kerk. (Zie
De Roever, Oud-Holland, I, bl. 243, noot 4). Voor Geertruy blijkt het ook uit haar
huwelijk in de Hervormde Kerk, bij Unger, Oud-Holland III, bl. 167. En bovendien
nog uit het feit, dat zij alle vier hare kinderen in de Oude Kerk liet doopen. (Unger,
t.a.p., bl. 168). Toen De Roever (Oud-Holland, I, bl. 241, v.o.) klaagde, dat de
doopboeken der Roomsch-Katholieken na 1578 te Amsterdam niet meer aanwezig
zijn, en dit betreurde in verband met de onzekerheid omtrent de geboortejaren der
kinderen van R. Visscher, verkeerde hij nog in de meening, dat zij katholiek waren.
Zouden die data, nu men beter is ingelicht, niet te vinden zijn in de doopboeken der
Hervormde Gemeente? Ik weet niet, of die nog voorhanden zijn. Tesselschades
huwelijk met den Protestant Crombalch, 29 October 1623, is ook een nader bewijs
voor haar Hervormd geloof. Taddea, haar oudste dochtertje, wordt 19 Februari 1625
hervormd gedoopt
1)
. Bij de aanteekening van het overlijden van Tesselschades
tweede dochter Maria, op 4 September 1647 te Alkmaar, staat geen vermelding
omtrent den doop. Het ligt voor de hand, dat zij, vóor of na haar moeder, in 1642,
evenals deze katholiek is geworden.
De bewijzen voor Tesselschades overgang tot de Katholieke Kerk in 1642 heb ik
afdoende geleverd in bovenvermeld ‘Verslag van het Vondel-Museum’ en in het
reeds genoemde artikel in de
Annalen
, 1912.
Heemstede.
J.F.M. STERCK.
1) Mededeeling van den heer C. Bruinvis te Alkmaar.
Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 34
Kommentare zu diesen Handbüchern