46
Rhythmische kenmerken.
Uit de vergelijkende beschouwing der zinsvormen blijkt duidelijk, dat de syntactische
bijzonderheid van de oude woordorde sterk wordt bevorderd door den zinsaanloop
en tevens, dat de gebruiksmogelijkheid afhankelijk is van den vorm van subject en
verbum, die weer in nauw verband staat met de eischen van het
vers
-evenwicht.
We mogen daarom verwachten, dat een nauwkeurig onderzoek naar de rhythmische
verschijnselen van deze syntactisch afwijkende zinsconstructies ons opheldering
zal geven omtrent enkele der nog altijd zeer duistere rhythmische kenmerken van
het mnl. vers. Een bevredigende vaststelling der mnl. verstypen kan men zeer wel
bereiken door stelselmatige waarneming van den wederzijdschen invloed, dien
zinsbouw, stijl en vers-rhythme op elkaar uitoefenen, onderzoekingen dus, waardoor
men tracht vast te stellen, hoe de zinsvormen ter wille van het rhythmisch evenwicht
der verzen verschuiven tusschen de uiterste grenzen der syntactische mogelijkheden.
Daarbij dient men zich steeds rekenschap te geven, zoowel van de stilistische
veranderlijkheid (al naar gelang van oratio recta en verhaal bijv.) als van de neiging
der epische dichters voor typische steeds terugkeerende zinsvormen, de stilistische
eenvormigheid.
Eenvormige zinsgroepen zullen we bij de rangschikking van het materiaal der
afwijkende woordschikking meer dan ergens anders aantreffen. Het zal blijken, dat
deze eenvormige zinnen zijn gekenmerkt door een typische rhythmische golflijn.
Zoolang geen zekerheid bestaat omtrent het getal en den omvang der versvoeten
in de mnl. verzen, kunnen we alleen de hoogtepunten van de rhythmische golflijn
in onze schema's aangeven. ‘Zware heffingen’ in het hier volgende overzicht zijn
dus die heffingen, welke zwaarder zijn dan alle andere versvoetheffingen, hoeveel
men er in een later vast te stellen metrisch systeem ook moge aannemen.
Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 34
Kommentare zu diesen Handbüchern