216
commoditie is their trane oyle, drawen out of the seal fish’ en bij zijn beschrijving
over de robbenjacht leest men in margine: ‘The manner of hunting the seal fish’.
Uit het Russische Noorden, het gebied der beroemde handelsstad Nowgorod,
waar de Hanze een bloeiende factorij had, kwamen meer waren in Brugge; enkele
daarvan brachten soms haar vreemden Russischen naam mede; verg. het art.
Loesch in den 32
sten
jaargang van dit tijdschrift.
Indien
toelgen
,
toillien
,
thoillien
ontleend is aan Russ.
tjoelén
': ‘zeehond, rob’, dan
beteekent
thoilliensmout
volkomen hetzelfde als het zuiver Middelnederlandsche
saelsmout
: ‘zeehondenvet, traan’, dat in dezelfde bronnenpublicaties van den
Brugschen handel voorkomt.
En verder zoude er uit volgen, dat de
n
van het woord geen meervouds-
n
is, maar
een onafscheidelijk bestanddeel, dat er dus ook in het enkelvoud toe behoort.
Misschien treft men dit enkelvoud aan in de aanhaling uit den Inventaire des archives
de Bruges 2, 198: ‘Centenum piscium qui dicuntur
thoillien
’. In de overige citaten
wordt het woord blijkbaar als een meervoud opgevat, hetgeen wegens zijn vreemde
afkomst geenszins onbegrijpelijk is.
Leiden.
R. VAN DER MEULEN.
Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 34
Kommentare zu diesen Handbüchern